Stibbe PG Omgevingswet: Planning Omgevingswet


Klik hier voor de schematische planning.

Hieronder volgt een toelichting op de schematische planning van de Omgevingswet. Het schema en de toelichting daarop zijn gebaseerd op informatie neergelegd in kamerstukken.

Omgevingswet

Op 17 juni 2014 is het wetsvoorstel bij de Tweede Kamer ingediend, waar het op 1 juli 2015 met een ruime meerderheid is aangenomen. Op 22 maart 2016 heeft de Eerste Kamer het wetsvoorstel aangenomen en op 26 april 2016 is de wettekst in het Staatsblad verschenen. De Omgevingswet zal volgens de huidige planning op 1 januari 2021 in werking treden.

Aanvullingswetten

Geluid en bodem

Over de voorstellen voor de aanvullingswetten geluid en bodem heeft van 22 maart 2016 tot 17 mei 2016 een openbare internetconsultatie plaatsgevonden. Daarnaast zijn de voorstellen ter consultatie en toetsing aan diverse instanties aangeboden. Na verwerking van de ontvangen reacties zullen de wetsvoorstellen in het najaar van 2016 aan de Afdeling advisering van de Raad van State worden aangeboden.

Bron: Kamerstukken II 2015/16, 33 962, 186, p. 4-5.

Na de verwerking van het advies van de Raad van State en het opstellen van het Nader Rapport, zullen de wetsvoorstellen in het najaar van 2017 aan de Tweede Kamer worden toegezonden.

Bron: Kamerstukken II 2016/17, 33118, AC, p. 6.

In de tussentijd werkt de minister aan de uitwerking van de uitvoeringsregelgeving in de aanvullingsbesluiten geluid en bodem, die in 2018 bij het parlement zullen worden voorgehangen.

Bron: Kamerstukken II 2015/16, 33 962, 186, p. 4-5

Natuur

De openbare internetconsultatie van het voorstel voor de Aanvullingswet natuur is op 21 november 2016 gepubliceerd en zal tot 21 januari 2017 lopen.

Bron: Kamerstukken II 2015/16, 33962, 186, p. 6.

Het wetsvoorstel zal naar verwachting voor de zomer van 2017 voor advies aan de Afdeling advisering van de Raad van State worden aangeboden.

Bron: Kamerstukken II 2015/16, 33 962, 186, p. 7.

Na de verwerking van het advies van de Raad van State en het opstellen van het Nader Rapport, zal het wetsvoorstel eind 2017 aan de Tweede Kamer worden toegezonden. Het aanvullingsbesluit zal te zijner tijd worden voorgehangen bij beide Kamers van de Staten-Generaal.

Bron: Consultatieversie Invoeringswet Omgevingswet (memorie van toelichting) p. 11.

Grond

Over het voorstel voor de Aanvullingswet grond heeft van 1 juli 2016 tot 16 september 2016 een openbare internetconsultatie plaatsgevonden.

Op dit moment wordt toegewerkt naar het aanbieden van het wetsvoorstel begin 2018 voor advies aan de Afdeling advisering van de Raad van State. Na verwerking van dit advies en het opstellen van het nader rapport zal het wetsvoorstel bij de Tweede Kamer worden ingediend. Naar verwachting is dit eind 2018/begin 2019.

De planning is erop gericht dat de Aanvullingswet grondeigendom gelijktijdig met de Omgevingswet in werking treedt, waarbij de Aanvullingswet opgaat in de Omgevingswet.

Bron: Kamerstukken II 2017/18, 33 118, 99.

Invoeringswet

De openbare internetconsulatie loopt van 5 januari 2017 tot 3 februari 2017. Daarna zal de minister de reacties verwerken en het wetsvoorstel verder in procedure brengen. Zoals in het nader rapport is aangekondigd, zal de Raad van State de voorstellen voor de AMvB’s en de Invoeringswet in samenhang kunnen bezien. De minister hoopt dat de voorhangprocedure van de AMvB’s voor de geplande verkiezingen van 15 maart 2017 kan worden afgerond, zodat de inbreng kan worden verwerkt en de voorstellen voor de Invoeringswet en de AMvB’s voor de zomer van 2017 gelijktijdig aan de Afdeling advisering van de Raad van State kunnen worden aangeboden.

Bron: Kamerstukken II 2015/16, 33 962, 186, p. 3.

Na de verwerking van het advies van de Raad van State en het opstellen van het nader rapport, zal het wetsvoorstel in de loop van 2018 aan het parlement worden aangeboden.

Bron: Ontwerpbesluiten Omgevingswet (ongecorrigeerd stenogram p. 21).

Uitvoerings-AMvB's

De uitvoerings-AMvB's zijn het Omgevingsbesluit, het Besluit kwaliteit leefomgeving, het Besluit activiteiten leefomgeving en het Besluit bouwwerken leefomgeving. Hierover heeft van 1 juli 2016 tot 16 september 2016 een openbare internetconsulatie plaatsgevonden.

Na het nota-overleg op 19 december 2016 en het overleg met de Eerste Kamer zullen de ontwerp-AMvB's worden aangepast aan de uitkomsten van de consultatie, toetsing en behandeling in het parlement.

Bron: Kamerstukken II 2016/17, 33 118, 38.

Zoals in het nader rapport is aangekondigd, zal de Raad van State de voorstellen voor de AMvB’s en de Invoeringswet in samenhang kunnen bezien. De minister hoopt dat de voorhangprocedure van de AMvB’s voor de geplande verkiezingen van 15 maart 2017 kan worden afgerond, zodat de inbreng kan worden verwerkt en de voorstellen voor de Invoeringswet en de AMvB’s voor de zomer van 2017 gelijktijdig aan de Afdeling advisering van de Raad van State kunnen worden aangeboden.

Bron: Kamerstukken II 2015/16, 33 962, 186, p. 3.

Aanvullingsbesluiten

Geluid

Na de verwerking van het advies van de Raad van State en het opstellen van het Nader Rapport van de aanvullingswet geluid, zal het wetsvoorstel aan de Tweede Kamer worden toegezonden. In de tussentijd werkt de minister aan de uitwerking van de uitvoeringsregelgeving in het aanvullingsbesluit geluid, dat in 2018 bij het parlement zal worden voorgehangen.

Bron: Kamerstukken II 2015/16, 33 962, 186, p. 4.

Bodem

Na verwerking van de ontvangen reacties over de aanvullingswet bodem zal het wetsvoorstel in het najaar van 2016 aan de Afdeling advisering van de Raad van State worden aangeboden. Na de verwerking van het advies van de Raad van State en het opstellen van het Nader Rapport, zal het wetsvoorstel aan de Tweede Kamer worden toegezonden. Ook voor dit aanvullingsspoor geldt dat de minister in de tussentijd werkt aan de uitwerking van de uitvoeringsregelgeving in het aanvullingsbesluit bodem, dat in 2018 bij het parlement zal worden voorgehangen.

Bron: Kamerstukken II 2015/16, 33 962, 186, p. 5.

Natuur

Het streven is het wetsvoorstel, aanvullingswet natuur, in de eerste helft van 2017 aan de Afdeling advisering van de Raad van State voor te leggen. Na de verwerking van het advies van de Raad van State en het opstellen van het Nader Rapport, zal het wetsvoorstel aan de Kamer worden toegezonden. Het aanvullingsbesluit zal te zijner tijd worden voorgehangen bij beide Kamers van de Staten-Generaal.

Bron: Kamerstukken II 2015/16, 33962, 186, p. 6.

Grond

Naar verwachting kan het wetsvoorstel, aanvullingswet grondeigendom, in het voorjaar van 2017 ter advisering aan de Afdeling advisering van de Raad van State worden aangeboden. Na de verwerking van het advies van de Raad van State en het opstellen van het Nader Rapport, zal het wetsvoorstel aan de Tweede Kamer worden toegezonden, en wordt verder gewerkt aan de bij het wetsvoorstel horende uitvoeringsregelgeving.

Bron: Kamerstukken II 2015/16, 33 962, 186, p. 5-6.

Invoeringsbesluit

Via het Invoeringsbesluit zullen de AMvB's op een paar punten worden gewijzigd. Het Invoeringsbesluit wordt voor het advies van de Raad van State, begin 2018, aan het parlement aangeboden. Dat is dus een voorhang.

Bron: Kamerstukken II 2015/16, 33962, 186, p. 4.

Dit gebeurt na publicatie van de nu voorliggende AMvB's en de verwerking van het advies van de Raad van State. Het parlement kan de verwerking dus nog beoordelen en eventueel voor het Invoeringsbesluit voorstellen doen.

Bron: Uitvoeringsregelgeving Omgevingswet (ongecorrigeerd stenogram p. 87).

Omgevingsregeling

De Omgevingsregeling bundelt de regels uit diverse bestaande ministeriële regelingen. In deze regelingen zullen onder meer de indieningsvereisten voor de omgevingsvergunning; de regels voor het uitvoeren van activiteiten; de grenzen voor gebieden; en de monitoring en onderzoeksverplichtingen worden opgenomen.

Bron: Kamerstukken II 2016/17, 33118, AC, p. 3-4.

De ontwikkeling van de Omgevingsregeling is begin 2017 van start gegaan. Gedurende 2017 zullen er expert- en werksessies worden georganiseerd. De input hiervan zal vervolgens worden verwerkt in een ontwerp-Omgevingsregeling.

Bron: Kamerstukken II 2016/17, 33118, AC, p. 4.