Algemeen Pensioenfonds - Artikel 102. Zetelverdeling en benoeming pensioengerechtigden en werknemers in paritair bestuur


Per wetsartikel worden de (voorgestelde) wijzigingen met een kleur getoond, waarbij de kleur afhankelijk is van het betreffende kamerstuk waaruit de wijziging voortvloeit:

Het Wetsvoorstel algemeen pensioenfonds (Kamerstuk 34 117, nr. 2);
De nota van wijziging (Kamerstuk 34 117, nr. 10);
De aangenomen amendementen.

Artikel 102. Zetelverdeling en benoeming pensioengerechtigden en werknemers in paritair bestuur

1. De verdeling van de zetels van vertegenwoordigers van werknemersverenigingen of werknemersvertegenwoordigers en vertegenwoordigers van pensioengerechtigden in het paritaire bestuur van een pensioenfonds vindt plaats op basis van de onderlinge getalsverhoudingen, met dien verstande dat de vertegenwoordigers van pensioengerechtigden ten hoogste de helft van het aantal zetels in het paritaire bestuur van een pensioenfonds bezetten dat vertegenwoordigers van werknemersverenigingen of werknemersvertegenwoordigers en vertegenwoordigers van pensioengerechtigden gezamenlijk bezetten. Van deze verdeling kan worden afgeweken indien de betrokken partijen daarmee akkoord zijn.

2. In het paritaire bestuur van een ondernemingspensioenfonds kunnen, in afwijking van het eerste lid, vertegenwoordigers van pensioengerechtigden meer zetels bezetten dan werknemersvertegenwoordigers, indien het aantal deelnemers minder bedraagt dan 10% van de som van het aantal deelnemers en pensioengerechtigden.

3. De benoeming van de werknemersvertegenwoordigers in het paritaire bestuur van een ondernemingspensioenfonds vindt plaats:

a. na verkiezing van de vertegenwoordigers door de deelnemers;
b. op voordracht van de vertegenwoordigers van de deelnemers in het verantwoordingsorgaan, bedoeld in artikel 115;
c. op voordracht van de ondernemingsraad; of
d. op een andere wijze, mits de ondernemingsraad heeft ingestemd met deze benoemingswijze.

4. De benoeming van de vertegenwoordigers van pensioengerechtigden in het paritaire bestuur van een pensioenfonds vindt plaats:

a. na verkiezing van de vertegenwoordigers door de pensioengerechtigden; of
b. op voordracht van de vertegenwoordigers van de pensioengerechtigden in het verantwoordingsorgaan, bedoeld in artikel 115, mits deze vertegenwoordigers na verkiezing zijn benoemd.

5. Het tweede en derde lid is van overeenkomstige toepassing voor zover een algemeen pensioenfonds met een paritair bestuur een pensioenregeling uitvoert voor een onderneming of groep.

Parlementaire geschiedenis

Memorie van toelichting (Kamerstuk 34 117, nr. 3) – Artikelsgewijs deel

Artikel I, onderdeel F (p. 29)

In artikel 102, tweede en derde lid, van de Pensioenwet zijn bijzondere regels opgenomen voor de bestuurssamenstelling van ondernemingspensioenfondsen. Op grond van het nieuwe vijfde lid zijn die regels van overeenkomstige toepassing op het paritair bestuur van een algemeen pensioenfonds dat een pensioenregeling uitvoert voor een onderneming of groep. De toepassing van het tweede lid wordt daarbij natuurlijk beoordeeld aan de hand van de som van het aantal deelnemers en pensioengerechtigden van de pensioenregeling van de onderneming.